Ga naar de inhoud

De weg naar Spinoza - Spinoza

Menu overslaan

De weg naar Spinoza

Recensies
De weg van Spinoza
Een kleine inleiding

Peter Eijgenhuijsen

Uitgever: Noordboek
ISBN: 9789464714470
Verschenen: februari 2026
Een van onze leden van de Spinozakring Soest schreef een boek: De weg  van Spinoza, een korte inleiding. Dat verdient natuurlijk een plaatsje op onze website: www.spinozakringsoest.nl.
Bij het openslaan van het boek springt meteen een uitsprak van Albert Einstein in het oog: Alles moet zo simpel mogelijk gemaakt worden, maar niet simpeler. Is dat misschien de belofte dat dit boek de soms zo moeilijke filosofie van Spinoza op een begrijpelijkere manier gaat uitleggen? Ik ben heel benieuwd.
Inderdaad raakt Eijgenhuijsen in de eerst alinea van het voorwoord meteen de kern:
‘Als de geïnteresseerde lezer zich na jarenlange studie eindelijk vertrouwd heeft gemaakt met de context, waarbinnen Spinoza zijn boeken schreef (..…) merkt hij dat dit werk zelf hem nog even vreemd is, als op de dag dat hij voor het eerst de Ethica opende en na vijftien, hooguit twintig bladzijden weer sloot.
Ik kan mij dat helemaal voorstellen. Want wat staat er nu eigenlijk in de teksten van Spinoza? De beste manier om deze vraag te beantwoorden is een manier te vinden hoe je zijn filosofie met voorbeelden uit het dagelijks leven aan vrienden en familie op een verjaardagsfeestje uitlegt.
Wat heeft de zeventiende-eeuwse Spinoza ons in de eenentwintigste eeuw nog te bieden? Nou heel veel! Als je ze eenmaal begrijpt zijn zijn inzichten helder en eenvoudig. En en passant zet hij de christelijke moraal van goed en kwaad ook meteen op zijn kop. Zijn filosofie helpt je de wereld en jouw rol daarin te begrijpen.
 
Zijn (blz. 17 – 23)
Spinoza begint met het begrip ‘zijn’. Wat moeten we ons daarbij voorstellen? Voor Spinoza is ‘zijn’ gelijk aan ‘God oftewel natuur’.  Maar wat verstaat hij daaronder? Natuur is het gehele heelal in al zijn voortbrengende en voortgebrachte vormen. En de mens bestaat ook uit deze vormen en zal zich onder alle omstandigheden daarin proberen in stand te houden. Spinoza noemt dat de conatus. Eijgenhuijsen illustreert dat met een voorbeeld van de koolmeesjes in zijn tuin, die strijden om de pinda’s in het netje dat hij heeft opgehangen, want eten is voor hen de eerste levensbehoefte.
 
Denken (blz. 24 – 28)
Spinoza onderscheidt drie vormen van denken:
- waarneming
- rede
- intuïtie
Waarneming komt via onze zintuigen binnen en roep herinneringen op. In de Ethica geeft Spinoza hier het volgende voorbeeld van:
Het zien (waarneming) van een paard roept bij een soldaat de herinnering aan de cavalerie op en bij een boer aan zijn ploeg en akker.
Het verwerken van die waarneming tot de kennis van de herinnering gebeurt via de rede, ook wel de basis van ons handelen genoemd.
Intuïtie  kunnen we ook wel ‘het aanvoelen’ noemen. In één moment begrijp je iets, waar een ander meerdere stappen voor nodig heeft. Je slaat hierbij de waarneming en rede over.
Spinoza illustreert  dat met het rekenvoorbeeld 1 : 2  = 3 : ?.
Bij waarneming herinner je je dat je dit op school hebt gehad en hoe de leraar dit uitlegde.
Via de rede pas je zijn oplossing toe: vermenigvuldig het tweede getal met het derde en deel het door het eerste.
Maar bij de intuïtie zie je zonder die tussenstappen in één oogopslag wat het vierde getal moet zijn namelijk 6.
Een mooi voorbeeld van het wetenschappelijk gebruik van de rede vinden we bij Copernicus. We nemen waar dat de zon dagelijks opkomt en ondergaat. Laten we het alleen bij deze waarneming dan lijkt het dus aannemelijk dat de zon om de aarde draait. Maar dankzij de wetenschappelijke beredeneringen van Copernicus weten we nu dat de aarde om de zon draait.
 
Doen (blz. 29 – 39)
Individueel gezien.
In de Ethica heeft Spinoza het over affecten en aandoeningen. Vertaald naar onze begrippen spreken we van emoties en gevoelens. Affecten/emoties die ons sterker maken zijn goed, die ons verzwakken zijn slecht. Enkele voorbeelden hiervan zijn: eerzucht en bescheidenheid, liefde en haat, hoop en vrees, hoogmoed en nederigheid. Veel affecten  zijn gebaseerd op onze voorstelling van iets of iemand. Zo zijn we niet verliefd op iemand, maar op de voorstelling die we van iemand hebben. Als achteraf blijkt dat die persoon anders is dan we dachten, kan dat dus verkeerd uitpakken. In eerste instantie ondergaan we die gevoelens voor die persoon passief. Om er achter te komen hoe die persoon in werkelijkheid is, moeten we actief onze rede gaan gebruiken. We zagen al dat de rede onze waarnemingen kunnen omzetten in kennis, waarbij we kritische vragen moeten stellen. Dus: heb ik wel alle informatie om een juist beeld van hem te kunnen vormen en wat zijn de gevolgen als ik mij alleen door mijn passie voor hem laat meevoeren? Op deze manier kan de rede er dus voor zorgen dat het geheel in een ander perspectief kan komen te staan.
 
Collectief gezien
Om te kunnen overleven is samenwerking nodig en om een samenleving goed te kunnen laten verlopen, zijn wetten en regels nodig waar iedereen zich aan dient te houden en een leider die er op toeziet dat dat ook gebeurt. Bij meerdere samenlevingen moeten de leiders op grote schaal met elkaar samenwerken, zoals we dat bijvoorbeeld zien bij de 27 Europese landen, die samen de EU vormen. Maar ook de EU is weer een onderdeel van de hele wereldbevolking, die tezamen dan weer de Verenigde Naties vormen. De VN heeft echter alleen invloed, geen macht. Besluiten van de VN kunnen namelijk zondermeer genegeerd worden of door het uitspeken van een veto van een van de deelnemende landen teniet gedaan worden. Dus net als in de natuurstaat blijft ook hier het recht van de sterkste gelden.
 
Vrije wil (blz. 47 – 50)
Volgens Spinoza bestaat er geen vrije wil, maar wordt alles bepaald door oorzaak en gevolg. Neem bijvoorbeeld het kiezen van een beroep.  Je denkt dat je daar uit vrije wil voor kiest, maar bij het maken van je keuze spelen er een heleboel factoren mee,  zoals talent, karakter, afkomst en financiële achtergrond. Deze hebben je tezamen in de richting van je keuze geduwd.
 
Geluk
Wie zijn passies omzet in acties treedt het leven actief tegemoet. Niet rijkdom, eer of zinnelijk genot, maar innerlijk zelfvertrouwen en intuïtieve kennis zijn de sleutels naar duurzaam geluk. En die kunnen we alleen vinden door, net als de natuurmensen, gebeurtenissen zonder enige vooringenomenheid of hokjesgeest tegemoet te treden.
 
Zo komen we ook bij de populaire slogan:
Een gezonde geest in een gezond lichaam (blz. 51 – 54)
Van oorsprong is deze uitdrukking van de Romeinse dichter Juvenalis.
We weten allemaal dat als je griep of een ander lichamelijk ongemak hebt, dat dat ook invloed heeft op je humeur. Je voelt je niet lekker, kunt niet helder denken en de daagse dingen lijken opeens een onoverkomelijk probleem. Als je je weer beter voel en je oude conditie weer terug hebt, ziet alles er meteen veel zonniger uit en kun je de dagelijkse problemen weer met gemak aan. Dus wat ons tegenwoordig te pas en te onpas wordt voorgehouden, verkondigde Spinoza in zijn tijd ook al: door goed voor je lichaam te zorgen, gezond te eten, matig te zijn met alcohol en voor genoeg ontspanning te zorgen, zal je geest optimaal functioneren. We zien in deze stressvolle tijd dan ook de ene burn-out na de andere verschijnen met als gevolg dat de yoga- en meditatiecursussen als paddenstoelen uit de grond rijzen.

Politiek (blz. 56 – 66)
Het doel van de staat is de vrijheid
Deze zin uit het TTP (Theologisch  Politiek Traktaat) vormt het fundament van Spinoza’s politieke filosofie. De beste vorm hiervoor is de democratie. Deze is stabieler, omdat die in tegenstelling tot een monarchie niet van één persoon afhangt, die ziek kan worden of kan overlijden. Hoewel besluitvormingen in een democratie, en bij grote organisaties zoals de EU, over meerdere schijven gaan, moeten ze ook snelle beslissingen kunnen nemen zoals tijdens de coronapandemie en de oorlog in Oekraïne. Het vrijheidsgehalte in de huidige staten staat echter onder druk. Finland en Nederland doen het wat dat betreft het best met respectievelijk een score van 100% en 97%. De VS die zich altijd opwerpt al leider van de vrije wereld scoort echter slechts 83% en Hongarije zelfs maar 65%. De vrijheid van meningsuiting is daarbij van cruciaal belang, maar in veel staten zijn de burgers gedeeltelijk of zelfs helemaal monddood gemaakt.
 
Religie ( blz. 67 – 70)
Eijgenhuijsen begint dit onderwerp met een anekdote van  Maarten ’t Hart. Die vertelt dat hij op zondag op de fiets naar zijn moeder ging en zij dat niet vond stroken met de wil van de Heer. Daarmee doe je de Heer zo zeer. ’t Hart vraagt zich af of God, die in het gehele heelal met zijn oneindige sterrenstelsel rondwaart, echt aanstoot zou nemen dat hij op één van die nietige planeten op zondag op de fiets stapt. Spinoza vindt de God, zoals wij die in de bijbel beschrijven, dan ook een product van onze verbeelding. Voor hem is God de alles overheersende Natuur en kunnen we die alleen begrijpen door een combinatie van ons verstand, de rede en de intuïtie. Religie kan heel waardevol zijn als die zich richt op naastenliefde en rechtvaardigheid, maar moet zich niet als staat binnen een staat gaan gedragen.
 
Het belang van Spinoza in de huidige tijd (blz. 71 – 79)
De huidige wereldpolitiek wordt gekenmerkt door tweedeling. Stad vs platteland, progressief vs conservatief en in de VS Democraten vs Republikeinen. Bij die laatste zijn de tegenstellingen zelfs bijna onoverbrugbaar .Elkaar begrijpen zou hierin van groot belang zijn. Eijgenhuijsen illustreert dat met een voorval uit zijn eigen leven. Hij verloor zijn jonge zwager aan kanker. Zijn zwager was klaar om te sterven, maar zijn omgeving kon dat niet accepteren. De filosofie van Spinoza hielp hem het besluit van zijn zwager te begrijpen. Diens denken maakte op dat moment deel uit van zijn zieke lichaam, dat steeds moeilijker ging functioneren en zorgde daarmee dat hij er klaar voor was om de dood te accepteren. Eijgenhuijsen zag toen hoe belangrijk het was om elkaar hierin te begrijpen. En daarmee laat hij zien dat dit in iedere samenleving ook van cruciaal belang is.
 
De God van Spinoza een paradox? (blz. 80 – 82)
Spinoza breekt enerzijds met de God uit de bijbel, die hij een product van de verbeelding noemt, maar anderzijds speelt God een centrale rol in zijn filosofie en wil hij ons laten zien dat de ware God de Natuur is, waar alles zijn oorsprong in vindt. Wij zijn allemaal een manifestatie van God en volgens Spinoza kunnen we dit dus door onze rede en intuïtie begrijpen. Hij begreep echter dat dit voor de gewone mens niet eenvoudig klinkt. In zijn beroemde slotzinnen van de Ethica zegt hij dan ook:
Ook al lijkt de door mij gewezen weg naar dat doel steil, hij is toch begaanbaar. (…..) Maar al het voortreffelijke is even moeilijk als zeldzaam.

Eijgenhuijsens kennismaking met Spinoza ( blz. 83 – 86)
Opgegroeid in het Amsterdam van de jaren zestig met al zijn omwentelingen en secularisatie stond het geloof bij Eijgenhuijsen ver van hem af. Tijdens een verregende fiets- en kampeervakantie met een vriend in Putten, bleek hun enige vertier op het kampeerterrein de daar aanwezige evangelisatietent te zijn. Zij ondervonden daar echter veel gezelligheid en dat de bijbel daar af en toe voorbij kwam deerde hen niet. Aan het eind van de vakantie kregen ze een bijbel mee met het verzoek het evangelie van Johannes te lezen en daar met hen over te corresponderen. Zijn vriend zag dat niet zitten en hoewel Eijgenhuijsen er wel even mee was gestart, was zijn belangstelling daar toch te beperkt voor. In de jaren tachtig trouwde hij met een katholieke vrouw met wie hij op hoogtijdagen mee naar de kerk ging. Aanvankelijk stond hij daar niet onwelwillend tegenover, maar toen zijn schoonvader op sterven lag en een oude, halfblinde pastoor het laatste oliesel moest toedienen en dat op een dermate klungelige en ongeïnteresseerde manier deed, was hij er helemaal klaar mee. Langzaam ontwikkelde zich bij hem het idee dat hij het in de natuur moest zoeken en toen er in een VPRO-gids een bijlage van het Humanistisch Verbond zat met een kort artikel over Spinoza viel bij hem het kwartje. Hij herkende er zijn eigen inzichten in en verdiepte zich verder in zijn filosofie. Net als zoveel spinozisten voelde hij ook meteen een verwantschap. Spinoza sluit aan bij wat je al weet en helpt je verder die kennis te verdiepen.
 
De levensloop van Spinoza.
Tot slot geeft  Eijgenhuijsen van bladzijde 87 tot 112 in een plezierige en onderhoudende verteltrant een uitgebreide beschrijving van Spinoza’s leven en werken. Een absolute aanrader voor iedereen.
 
Resume
Het boek heeft als ondertitel: Een kleine inleiding en dat dekt ook volledig de lading. Voor iedereen die niets of weinig van Spinoza weet is het een op een gemakkelijk leesbare manier geschreven mooie eerst kennismaking met de grootste Nederlandse filosoof aller tijden, die een onuitwisbaar stempel heeft gedrukt op iedereen die daarna kwam en de tot die tijd heersende kijk op religie en politiek blijvend heeft veranderd.

 
© Gonny Pasman – Sakkers
Spinozakring Soest

downloadbare pdf van deze recensie
Terug naar de inhoud